De poffer, het overdadige hoofddeksel van vrouwen in de eerste helft van de vorige eeuw, is een symbool geworden van de Brabantse volkscultuur. De poffer is die cultuur verbonden met rituelen als de Brabantse koffietafel en carnaval. Dat zijn welbekende identiteitsgebonden en weerkerende gewoontes die in onze tijd ook stand houden, en daar past dan ook een boek bij, wat in deze latere tijd is geschreven, over de typische hoofddeksels. In 2010 schreef nog weer een deskundige zo’n groot overzichtswerk over de geschiedenis van deze opmerkelijke hoofdtooi. Het eigentijdse van dit boek is dat er voor het eerst ook aandacht werd besteed aan de musealisering en folklorisering van de pofferdracht.
Een ander boekje met foto’s over de Brabantse muts is een museum-uitgave van het dubbel-museum Vekemans. De andere helft van dit boekje is gewijd aan de grote collectie strijkijzers, die dit museum ook herbergt.
In Hulst, Zeeuws-Vlaanderen, is tot juni een expositie te zien over Streekdracht uit het land van Hulst. En daar hoort ook een boekje bij, met informatie over de tentoongestelde kleding en objecten.
Alle drie deze boeken kocht ik afgelopen weekend, en de twee musea die ik bezocht. In een paar blogjes liet ik foto’s zien van die tentoonstellingen, nu de boekjes die ik daar kocht. Deze boekjes zijn ook representatief voor de vele boeken die verschenen zijn over streekdracht. Soms een uitgebreide studie door een deskundige die jarenlang studie heeft gemaakt en objecten en kleding heeft verzameld. Soms een boekje uitgegeven door een museum. En soms een boekje waarvan de aanleiding een tijdelijke tentoonstelling was.
Deze drie boeken kocht ik om in mijn shop te zetten, ook als illustratie dat het uitgeven van boeken over streekdracht nog steeds doorgaat, ook al is de dracht zelf verdwenen. Er blijft altijd belangstelling om te weten hoe de dracht vroeger het leven kleedde, en hoe de oude kleedwijze nog steeds doorwerkt in onze eigen tijd.




