Het is leuk om op mijn blog aan te sluiten bij de actualiteit, maar soms kom ik pas later iets tegen waarmee ik dat zou kunnen doen. Vorige week was in het nieuws dat in Engeland een wedstrijdje werd gehouden op ‘hoge bi’s’. Dat zijn de fietsen met een groot voorwiel en een klein achterwiel, waarbij de pedalen direct aan het voorwiel zitten. Er was toen nog geen kettingaandrijving, en dat grote wiel was nodig om een redelijk verzet te krijgen. De grootte werd bepaald door de lengte van de benen van de berijder.
Deze fietsen waren populair tussen 1875-1885 . Op dit wandkleed zijn drie fietsers weergegeven, en die hadden ook bekijks, want er staan wat kinderen en een vrouw omheen. Een jongetje loopt met een vlaggetje, waaraan te zien is dat dit ook een Nederlands straatbeeld was. Alleen werden ze bij ons vélocipèdes genoemd, dus een eigen naam was er niet. De volksmond wist daar natuurlijk wel wat op, en verzon de naam Daalder-Dubbeltje.
In het nieuwsbericht las ik dat deze fietsen wel 30 kilometer per uur konden halen, en daar was ik dan wel weer verbaasd over. Toen ik pas een Veluws heuveltje afsjeesde met mijn electrische fiets, ging deze niet harder dan 27 km. per uur. Ik zou wel harder hebben gekund (wat de heuvel betreft) en gewild (wat mijn durf betreft) maar de fabrikant heeft er een begrenzer in gebouwd waardoor dat vaartje niet kan worden bereikt. Toch ben ik blij dat ik niet net als honderd jaar geleden op zo’n hoge bi hoef, ik moet er niet aan dènken…. Liever mijn ‘begrensde’ electrische fiets waar ik geen 30 km. per uur mee kan, maar wèl makkelijk 30 km. per ritje!






